Banken ontkennen bedrijfstakken te discrimineren. Maar een opgenomen telefoongesprek legt haarfijn bloot dat ING bepaalde beroepsgroepen simpelweg geen financiering biedt: de ambulante handel en de taxibranche. HAARLEM – Er zijn ondernemers die groeikansen zien in crisistijd. Moussa Aynan bijvoorbeeld. De 36-jarige eigenaar van taxibedrijf Frans Hals, met twee chauffeurs in dienst, kan de vraag niet aan. Hij wil een extra 8-persoons busje kopen, maar krijgt van zijn bank geen krediet. Niet omdat de cijfers slecht zijn, maar omdat ING de taxibranche op de zwarte lijst heeft gezet. Aynan bouwde zijn taxibedrijf eigenhandig op, nadat hij zijn baan verloor bij ABN Amro in 2002. „Ik werkte als student al op de taxi, dus dacht: ik begin voor mezelf. Als je voor het station staat, verdien je 100 euro per dag – na je kosten kun je daar best van leven.”
De chauffeur specialiseert zich op Schipholritten en weet door de jaren een schare trouwe klanten op te bouwen. „Dat lukt alleen door goede service te bieden. Dat kost even tijd, want pas zodra iemand bij je in de taxi stapt, kun je laten zien hoe betrouwbaar je bent.” Aynan, die sinds 2006 voor de PvdA in de gemeenteraad van Haarlem zit, heeft om de vraag aan te kunnen een tweede auto nodig. „Een achtpersoons busje. Ik heb nog wat eigen geld, ik heb tussen de vijftien- en twintigduizend euro nodig aan financiering. Die schuld heb ik binnen een jaar dan weer afgelost.”
Hij belt met zijn bank, maar krijgt nul op het rekest. „Er wordt geen geld uitgeleend aan de taxibranche, vertelde de telefoniste. We zouden op een zwarte lijst staan”, vertelt de ondernemer nog steeds vol verbazing. Omdat hij het niet kan geloven, belt hij nogmaals – maar nu neemt hij het gesprek op. Een transscript van het gesprek staat elders op deze pagina. Ontkennen
ING ontkent tegenover deze krant met klem dat de bank met zwarte lijsten werkt. Wie het gesprek hoort, kan met gerede grond twijfelen aan die uitleg. „Ik heb het gesprek opgenomen, omdat ik zeker wist dat ING het zou ontkennen. Ik opereer in een branche die niet altijd zuiver is, heb een Marokkaanse achtergrond en werk voor een politieke partij die niet populair is op dit moment. Wie wordt dan geloofd? Een grote bank, of een kleine ondernemer?”, vraagt Aynan retorisch.
„Juist omdat ik raadslid ben, hou ik me keurig aan de regels. Ik wil niet geassocieerd worden met welke illegale praktijken dan ook. Maar door het uitblijven van financiering worden ook de eerlijke ondernemers in het illegale circuit gedreven. Een bank die staatssteun heeft gekregen, zou niet zomaar hele branches uit mogen sluiten.”
MKB-Nederland reageert verontwaardigd op de houding van de ING: “Ons wordt altijd verteld dat financieringsaanvragen op individuele basis worden beoordeeld. We snappen best dat banken bij bepaalde sectoren voorzichtig zijn, maar hele bedrijfstakken zomaar uitsluiten kan gewoonweg niet”, aldus een boze zegsvrouw. “We hebben binnenkort weer overleg met de banken, en zullen dit onderwerp dan zeker aankaarten.”
Volgens ING is het gesprek niet “conform de instructies” verlopen. “We sluiten absouut geen branches op voorhand uit”, bezweert een woordvoerder, “behalve coffeeshops, wapenhandel en prostitutie. Die passen niet bij het maatschappelijke beeld dat we als ING willen uitstralen.” Fout
In dit geval is er een fout gemaakt volgens de bank. “Bepaalde kredietaanvragen kunnen niet via het callcenter worden gedaan. De medewerkster had moeten vragen of de ondernemer de jaarcijfers had willen opsturen of langs een kantoor had willen gaan, zodat we er beter naar kunnen kijken. We beoordelen graag nog een keer de kredietaanvraag van deze ondernemer.”
Andere banken, waaronder de Rabobank en ABN Amro, laten weten geen branches per definitie uit te sluiten, net als ING zegt te doen. „Natuurlijk spelen marktomstandigheden een rol”, aldus een woordvoerder van de Rabobank, „het is niet te ontkennen dat sectoren als de bouw in zwaar weer zitten. Maar juist in slechte tijden zie je innovatiekracht, daar moet je als bank oog voor hebben.” Bron: De Telegraaf, 30 oktober 2009, Arnoud Breitbarth